We hebben vanmorgen net bekeken welke dag het is (het is nog heel vroeg) als iemand een vinger op steekt: ‘Waar komt de aarde eigenlijk vandaan?’
Wat volgt is een groepsgesprek van dik twintig minuten, dat ik hieronder probeer zo goed mogelijk weer te geven. Ik heb me er niet zoveel mee bemoeid, dus alle reacties zijn van kleuters (tenzij ik mezelf erbij vermeld heb). Zit je goed? Daar gaan we.
Het ontstaan van de aarde, volgens mijn kleuters.aarde-water

‘Dat is een goede vraag,’ zeg ik. ‘Ik weet het niet. Wat denk jij?’
‘Er was een grote knal en toen waren alle dino’s dood. Dat zei mijn mama.’
Een ander reageert daarop: ‘Ik weet hoe de aarde er kwam. Eerst was er een plantje. Toen kwamen er meer plantjes en steeds meer. Toen groeiden er ook bomen bij en daardoor kwam de zuurstof. En toen iedereen kon ademen kwamen de mensen. Die werden geboord. En toen gingen ze overal dingen bouwen.’
HOE kan dat nou,’ roept een kleuter verbaasd, ‘om geboren te worden moet er eerst een mama mens zijn. En die was er nog niet. Dus kan er ook niemand geboren worden.’
We komen er niet zo snel uit. Het ontstaan van de aarde blijft een lastig ding. En ik weet van niks, want ik was er niet bij.

‘Eerst waren er alleen apen. Die wilden toen rechtop gaan lopen en toen werden het mensen. Niet meteen hoor, haha! Maar daarna wel,’ aldus een kleine dame.
Ik vind het plausibel. Ik vraag me alleen wel af waar die apen dan ineens vandaan kwamen.
‘Die zijn uit de lucht gevallen,’ vertelt ze me stellig. ‘Oei, dat doet zeer,’ schrikt haar buurvrouw. ‘Heeft iemand ze dan opgevangen?’ probeer ik. Waarop de kleuter in kwestie me aankijkt en zegt: ‘Juf. Dat kan niet hè. Er waren nog geen mensen.’

‘Ik denk dat de brandweer ze opgevangen heeft, met zo’n groot springding waar je op kan vallen als je huis in brand staat en je er niet uit kunt. Als de deur verbrand is of zo,’ zegt de buurvrouw van zojuist.
‘Wat ik niet snap hè,’ mompelt de kleuter van het plantjes-bomen-zuurstof-verhaal, ‘is dat hoe konden ze toen allemaal dingen bouwen eigenlijk als er nog geen machines waren?’ ‘Met een hijskraan!’ roept een enthousiasteling. ‘Ja hallo. Die waren er dus nog niet. ’Dat zeg ik net.’

‘Ik denk dat ze die machines toen gewoon bedacht hebben en toen alles gingen maken waar ze mee konden bouwen.’
‘Toen ik nog niet er was en mijn grote broer nog een baby was wilden mijn papa en mama in onze straat gaan wonen. Er was toen nog helemaal geen straat, alleen overal zand. Mijn papa en mama mochten toen een huisje uitkiezen dat ze mooi vonden en dat gingen ze toen bouwen.’ ‘Hebben ze dat zelf gebouwd?’ (dat was ik even tussendoor) ‘Ze hebben allemaal bouwspullen gekregen en daarmee…huh? Hoe zijn ze aan die bouwspullen gekomen eigenlijk? Ik weet dat niet, want ik was er niet bij. Ik zat toen nog in mama’s buik. Nee, daar zat ik ook nog niet in. Ik weet niet waar ik toen was voor ik in mama’s buik kwam.
‘Mijn papa zegt altijd dat ik eerst in de verrekijker was maar dat kan niet, haha! Daar pas ik helemaal niet in. Ik heb in een verrekijker gekeken maar daar zaten geen kindjes in hoor.’

Goed. We dwalen énigszins af. Terug naar het onderwerp, want één kleuter wil nog steeds weten waar die apen dan vandaan komen.
‘Die kwamen van een speciale aapjesplaneet en die kwam vlakbij de aarde. Ze sprongen toen zo, hop,  op onze aarde en toen waren ze er,’ vertelt de kleuter die dit hele gesprek heeft opgeroepen met zijn vraag over het ontstaan van de aarde.
‘Ja duh, dat zeg ik toch steeds. De apen zijn uit de lucht gevallen.’
De cirkel is weer rond.
En dat allemaal voor negen uur in de ochtend. Groepsgesprekken, ik hou ervan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Post Navigation