Wil je in je klas een keer koekjes bakken, maar weet je niet hoe je dat moet aanpakken? Lees dan verder! En anders…ook gewoon verder lezen natuurlijk!
We gaan van start met het bakken van kaneelkrakelingen, maar dan zonder kaneelsmaak en eigenlijk zijn het ook geen krakelingen. Iedereen die mijn blogpost over Rudolph en zijn magische spuitzak heeft gelezen weet waarover ik het heb Hoe dan… ook, wij gaan koekjes bakken! Vroeger (toen ik pas voor de klas stond, onwetende ikke) deed ik dat met een hele klas tegelijk. Wat je dan krijgt is dat de meeste kinderen er alleen maar bij kunnen zitten en niet echt zelf wat kunnen doen. Het gevolg: een groep kriebelige kleutertjes die uit verveling andere vormen van vertier zoekt.
Het resultaat is een klas vol geagiteerde kinderen, een enigszins gestresste juf die ter plekke nieuwe krachttermen bedenkt (maar ze niet uitspreekt, we blijven ten slotte professioneel) en een hoop lawaai. De activiteit zelf verdwijnt naar de achtergrond en de kleuters steken er niks van op.
Dat moest beter kunnen. Tegenwoordig doe ik dergelijke activiteiten in kleine groepjes.
Soms met ouderhulp, maar het liefst doe ik dat gewoon zelf omdat ik het te leuk vind om uit handen te geven. Je bent bakkersdochter of niet!
Eerst leg ik de procedure klassikaal een keer uit en laat ik zien wat we gebruiken en wat de bedoeling in grote lijnen is. Dat is belangrijk, vooral voor de kinderen die wat moeite hebben met taal. Op deze manier hebben ze alles vast een keer gezien en is het niet meer één brok nieuwe informatie op het moment dat zij aan de beurt zijn om het deeg te maken.
Voor de anderen is het een extra herhaling, wat ook fijn is voor wat de onzekere tiepjes (want zij weten vooraf wat de bedoeling is en dat zorgt voor zelfvertrouwen). Wij leerkrachten hebben daar een schitterend woord voor: ‘preteaching’. Ik moet er toch een keer een vakterm in gooien.
Voordat ik dan met een groepje aan de slag ga, vraag ik de andere kinderen om een materiaal te kiezen waarmee ze zelf even kunnen werken. Ze krijgen ook de opdracht om elkaar te helpen als dat nodig is, omdat ik met een groepje ga werken en dus niet zomaar gestoord mag worden. Ter ondersteuning gaat het stoplicht op oranje (betekent dat je de juf even niet mag storen). Zo heb ik dan lang genoeg mijn handen vrij om met maximaal zes kinderen rustig aan de gang te gaan. We bespreken, voelen en ruiken alle ingrediënten waarbij we de namen van alles leren.
We wegen af wat we nodig hebben en besteden aandacht aan de begrippen licht en zwaar (en de cijfers op de weegschaal). Daarna mengen we het deeg en zien we hoe je van al die verschillende dingen één nieuwe substantie maakt (waarbij we werken aan de kerndoelen Wetenschap en Techniek!) en tenslotte bakken we het af in een van de vele ovens die ons schoolgebouw rijk is. De nadruk ligt dus op de ervaring van het mengen, wegen, bakken en het maken van een eindproduct van verschillende ingrediënten. Het koekje zelf is eigenlijk ondergeschikt, maar voor de kinderen natuurlijk wel belangrijk 🙂
Koekjes bakken? Gewoon doen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Post Navigation